De jacht op het Witte Hert

Een lange veldtocht

Zoekend naar de juiste koets…

De ochtendstond had deze morgen voor onze ridders goud in de mond. Kwik en monter veerden allen uit hun beslapen nest (al viel een enkeling wel even opnieuw ten prooi aan dromenland) om, na een geslaagd en typisch Duits ontbijt, andermaal met strakke pas mars in te zetten richting het koetshuis. Er werd even halt gehouden om de nodige mondvoorraad in te slaan, waarna de tocht met de regionale koets doorheen het fascinerende landschap van het Zwarte Woud opnieuw werd aangevangen.

Op weg naar de bergen…

Een volgende koets bracht het legertje over de grens van het Zwitsers Eedverbond. De grenswachten knikten instemmend toen zij over de queeste van het Witte Hert vernamen. Allen samen keken ze ook met veel verwondering naar het natuurschoon dat deze streek hen bracht, onder meer hoe het brede meer zich in een kolkende waterval enkele meters naar beneden stortte. Eén reiziger uit het gezelschap miste dit spektakel jammerwel daar hij op het foute moment ervoor gekozen had om de sanitaire voorzieningen van de koets te nuttigen. Spijtig!

Een comfortabele trein voor een lange tocht oostwaarts

Edoch, éénmaal aangekomen in het schone, en vrije, Zürich vergaten zij allen hun beslommeringen. Daar konden zij immers het grootste treinstation van Zürich en omstreken aanschouwen, waar zij zich verder konden verplaatsen in het hypermoderne vervoermiddel der trein, en het gehotsebots met koetsen achter zich laten. Geen van hen kon het laten om deze tempel der treinvervoersmiddelen nauwkeurig te bestuderen, voorwaar, ze konden er immers iets van leren! De Zwitserse klok sloeg echter, met haar gekende regelmaat, al snel het tweede uur der middag, waarna de dappere ridders zich alras naar hun trein begaven, alwaar zij de paarden stalden, de bagage opborgen en zich neervlijden in stoelen dewelke iedere vergelijking overtroffen. Voor de volle vijf uur en dertig minuten zouden zij immers gezeten blijven, en dan wil een mens al eens comfortabel zitten.

Verzamelen geblazen in Salzburg

Danig onder de indruk van de werkelijk prachtige landschappen die dit moderne vervoersmiddel, dat reed als zonder paarden, hen bleef voorschotelen, vergaten de ridders alras met welk doel zij oostwaarts reizende waren. Gelukkig waren er nog enkelen die zich het belang hunner queeste herinnerden, en die niet nalieten aandachtig alle mogelijke sporen en versterkingen te bekijken. Want hoewel het Witte Hert volgens de oude verhalenvertellers uit het oosten was gekomen, zo waar in betere tijden de Scythen leefden, was het daarna volgens andere, al even ongewassen, vertellers verder westwaarts getrokken. Het waren sporen daarvan die zij hoopten te vinden. Helaas, veel hadden ze niet gevonden, behalve nog meer verhalen die zonder uitzondering naar het oosten wezen. Veel verder naar het oosten zouden ze evenwel niet trekken, want ze waren totaal uitgeput. In de eerste de beste pleisterplaats, in een dorpje genaamd “Zoutburg” of “Salzburg”, legden zij zich vermoeid ten ruste.